Inleiding/Voorwoord
Nieuwspagina
Gerardus van Schaik
G.A. van Schaik
H.A.G. van Schaik
Neuengamme
Bronnen/Literatuur
Kontakt + Gastenboek
Linkpagina
Foto- en Videopagina

 Gerardus van Schaik


 

 

De Wijksche Courant, nummer 16, 12e jaargang, Donderdag 21-04-1881:

Onder de kop “Burgerlijke Stand”, periode 12 t/m 19-04-1881, vinden we een klein en onopvallend rubriekje. Hierin word melding gemaakt van één huwelijk, drie overlijdens en drie geboortes. Een van deze geboortes betreft: Gerardus van Schaik, geboortedatum 18-04-1881, zoon van Gerardus van Schaik en Anthonia van Schaik, geboren van Weel.

 

Bron: Streekarchief Wijk bij Duurstede/Het Utrechts Archief

 

Geboorteakte 34: Heden den Negentienden der maand April achttien honderd één en tachtig, is voor ons Burgermeester, Ambtenaar van den Burgerlijke Stand der Gemeente Wijk bij Duurstede, provincie Utrecht, verschenen, Gerardus van Schaik, oud achtendertig jaren, van beroep arbeider, wonende alhier, welke ons heeft verklaard dat op den achttienden dezen maand April, des nachts, ten twee ure, ten zijnen huize, Wijk A, nummer één honderd negen en vijftig, uit zijne huisvrouw Anthonia van Weel, zonder beroep, wonende in de gemeente, is geboren een kind van het mannelijk geslacht, hetwelk zal genaamd worden Gerardus. Van welke verklaring wij deze acte hebben opgemaakt in tegenwoordigheid van Paulus van Schaik, oud zeven en veertig jaren, kleermaker, en Anthonius Cornelius Marianus van Waveren, oud zestig jaren, beambte ten secretarie, beiden alhier woonachtig.Na voorlezing hebben wij deze acte met den Comparant en de getuigen getekend.

 

 

Gerardus werd als negende kind geboren in het gezin van Gerardus van Schaik, geboren op 05-05-1843 in Wijk bij Duurstede, van beroep schipper/pakhuisknecht, en Anthonia van Weel, geboren 17-03-1841 in Wijk bij Duurstede, zonder beroep. Zoals uit de geboorteakte blijkt werd Gerardus geboren in Wijk A, nummer 159. De adressering zoals we die nu kennen bestond toen nog niet. De stad binnen de singels werd wijk A genoemd, de huizen buiten de singels werden genoteerd staande in Wijk B. De huizen in Wijk A werden genummerd vanaf de nog bestaande molen aan de Dijkstraat. Vandaar ging de nummering zigzag door de stad, om tenslotte weer bij de Dijkstraat terug te komen. De gebruikte huisnummering stond los van de straatnamen. Later heeft men deze wijze aangepast en kunnen we concluderen dat Gerardus is geboren in de Volderstraat

 

Waar de Rijn de Lek wordt en de Krommerijn zijn oorsprong vindt, daar ligt Wijk bij Duurstede. Al in 1300 had Wijk bij Duurstede zijn stadsrechten verkregen terwijl in 1811 de gemeente werd gevormd. Ontstaan uit het oude Dorestad was er volgens velen nog maar weinig veranderd sinds het vertrek van de Vikingen. Een slaapstad, geïsoleerd gelegen in de zuidoosthoek van de provincie Utrecht. De aanleg van het Wijksche Lijntje in de 19e eeuw zorgde nog voor feest in de stad. Dat men daar de stadspoort voor moest slopen woog niet op tegen het gevoel dat men zich nu een echte stad kon noemen en vooral 's winters bevrijd was van het eeuwenlange isolement. De ontwikkeling van industrie of nijverheid is altijd bescheiden gebleven. Zij produceerden, met uitzondering van de steenfabrieken, vrijwel uitsluitend voor de lokale markt. Voor de omliggende omgeving had Wijk bij Duurstede slechts een verzorgende functie door de aanwezigheid van scholen, de markt, een notaris en de wat talrijker aanwezige winkels. De woningbouw bleef beperkt, en zo nu en dan werd er eens een pand gesloopt en een nieuw pand voor neergezet. Zij die het geld ervoor hadden trokken op zaterdag naar Utrecht om er naar de markt te gaan. Zij die het geld niet hadden trokken naar bijv. Utrecht voor de werkgelegenheid en de hoop er voor zichzelf en hun gezin onderdak te vinden. Gerardus zal ongetwijfeld dezelfde afweging hebben gemaakt en verruilde zijn geboortestad Wijk bij Duurstede voor Utrecht.

 

Op 22-05-1908 wordt Gerardus, met zijn toekomstige echtgenote, ingeschreven op het adres Oranjestraat 12bis, Wijk C in Utrecht. Op 07-08-1908 wordt hun eerste kind geboren, een dochter.

 

Wijk C, een typische Utrechtse volkswijk met kleine, vaak vochtige huisjes die veelal armoedig gemeubileerd waren. Er was armoede en de spullen thuis werden beleend. Wijk C was gezellig, maar er was veel armoede. De huizen waren er slecht aan toe, anders gezegd, de woningen waren krotten. De Oranjestraat was erg oranjegezind, en er was altijd iets te vieren. Een gesloten buurt met eigen regels en een eigen type bevolking. Een wijk waar je als buitenstaander maar moeilijk in werd opgenomen. Maar lukte het je, dan sprong de wijk voor je in de bres bij problemen. Het was ook de wijk van Aal de Preu, Dove Kelien, Hein de Zevenneus, het orgel van Lange Hannus en de Willemstraat met zijn vele cafés waar menige man werd uitgehaald als hij er langer zat dan het moedermevrouw lief was. Kenmerkend waren verder de vele karretjes in de straten (straathandelaren/venters), open voordeuren en de waterpomp die het centrale punt van de wijk vormde. Wijk C was plaatselijk zowel berucht en beroemd tegelijk. Een gemeenteraadslid heeft eens gezegd: “Het is daar een treurige toestand. De huurders zijn de apachen van Utrecht die de verhuurders door hun vernielzucht niets dan schade toebrengen“. Al vanaf 1866 waren er plannen om stukken van Wijk C te slopen. Het kwam er pas echt van in 1910 toen 21 woningen in de Zandstraat tegen de vlakte gingen. Deze afbraak duurde voort tot ver in de jaren dertig. Veel echte Wijk-C-ers vonden het verschrikkelijk de wijk te moeten verlaten, ondanks het feit dat ze veelal in betere woningen terecht kwamen. Openlijk verzet was er zelden, maar de onvrede met het gemeentelijke beleid was groot.

Dat dit later hun politieke keuze dan wel voorkeur bepaalde komen we nog tegen. 

 

Willemina Theodora Werkhoven, geboren om 3.30 uur, in Wijk bij Duurstede, wijk B nummer 30, op 24-12-1884. Zij was het eerste en enige kind uit het huwelijk van Willem Werkhoven, geboren 1831 in Cothen, van beroep landbouwer, en het tweede huwelijk van Jannigje (Joanna) v.d. Akker, geboren op 12-08-1844 in Jutphaas. Jannigje (Joanna) v.d. Akker was eerder getrouwd met Cornelis Spithoven, geboren 20-07-1843, van beroep arbeider, die echter op 24-07-1880, op 37 jarige leeftijd was overleden. Uit dit eerste huwelijk waren al zes kinderen geboren. 

Op 07-10-1908 treedt Gerardus van Schaik, dan 27 jaar oud, in het huwelijk met Willemina Theodora Werkhoven, dan 23 jaar oud.

Het huwelijk werd voltrokken in aanwezigheid van vier niet verwante getuigen, de vader en moeder van de bruid en de moeder van de bruidegom. Gerardus' vader was 06-05-1906, 63 jaar oud, in Wijk bij Duurstede overleden. De kerkelijke inzegening van het huwelijk vond plaats op 08-10-1908 in Heilige Augustinuskerk aan de Oudegracht in Utrecht. 

 

Gerardus, nu getrouwd en vader, verhuist en wordt op 03-03-1909 ingeschreven in de Oranjestraat 22. Verhuizen leek wel een hobby, en velen die het deden bleven bij voorkeur in de buurt van hun oude huis of verhuisden vaak in hun eigen straat. Een weinig geloofwaardige reden die hiervoor werd aangedragen was schaamte. Men zou zich zedelijk en verstandelijk op een lager niveau bevinden en zich daardoor ondergeschikt voelen in een “betere buurt”. Meer waarde kun je hechten aan de constatering dat de mensen zich meestal wel “thuis” voelden in hun buurt, de open-voordeur-gewoontes, de sociale controle en het gewend zijn aan de straat- en buurtnormen. Ze wisten goed de weg en kenden de goedkope adresjes waar ze vaak nog op de pof konden kopen. Verder was de afstand belangrijk die men moest afleggen naar het werk. Er werd nog warm gegeten tussen de middag, en dan kon je maar beter in de buurt zijn. Losse en ongeschoolde arbeiders bleven veelal in de binnenstad wonen omdat zij juist daar de meeste kans hadden iets te verdienen in het sjouwwerk of bij andere klusjes. Utrecht kende woningnood. Uit gegevens die bekend zijn leren we hoe vol het in huis kon zijn in 1905. In een 1-kamerwoning woonden gemiddeld 3,5 personen, in een 2-kamerwoning 4,5 en in een 3-kamerwoning 5,1 personen, waarvan veel ook nog eens ongeregistreerd. In 1906 werden in Utrecht 580 nieuwe woningen opgeleverd. Slechts 42 daarvan hadden maximaal 3 kamers, die waren dus voor het gewone volk. In datzelfde jaar werden 52 arbeiderswoningen gesloopt en 20 onbewoonbaar verklaard. Ondanks het feit dat er in de periode 1892-1914 ongeveer 10.000 nieuwe woningen werden gebouwd, was er in 1914 nog altijd geen definitieve oplossing gevonden voor deze woningnood. Tenslotte zullen ook de financiële omstandigheden een reden hebben gespeeld om te verhuizen. De leefomstandigheden van een arbeider en zijn gezin waren vaak beroerd, en was het vaak aantrekkelijk een ander huis te aanvaarden tegen minder huur. Een onderzoek in 1907 toonde aan dat een arbeidersgezin Fl. 14,- per week nodig had om, zonder luxe, rond te komen. Van de 179 arbeidersgezinnen die werden onderzocht verdienden 34 minder dan Fl. 10,- per week, 121 verdienden tussen de Fl. 10,- en Fl. 14,- per week en 24 verdienden meer dan Fl. 14,- per week. 

 

Op 03-11-1909 wordt het tweede kind van Gerardus en Willemina Theodora geboren, een zoon. Nog geen vier weken later overlijdt Gerardus’ moeder Anthonia van Schaik-van Weel,op 29-11-1909, op 68 jarige leeftijd in Wijk bij Duurstede.

Je zou mogen concluderen dat het leven in Nederland, en dus even zo goed in Utrecht, in de periode 1900-1910 louter kommer en kwel was. Gedeeltelijk was dat ook zo. Enerzijds was Nederland rond 1900 nog een kleinschalig land met armoedige levensomstandigheden, slecht hygiene en met grote sociale verschillen. Anderzijds waren deze jaren toch ook een tijd van grote veranderingen en krachtige groei.De toenemende industrialisatie zorgden voor meer werkgelegenheid en het ontstaan van nieuwe beroepen. De massaproduktie kostte veel ambachtslieden de kop, terwijl de vraag naar geschoold personeel toenam. Er ontstond een verbrokkeling in de vertrouwde organisatie van de maatschappij. Het was niet langer vanzelfsprekend dat een arbeiderszoon arbeider werd, een boerenzoon boer of dat alleen zonen uit een rijk milieu gingen studeren.

In de periode 1849 - 1909 groeide de beroepsbevolking in Utrecht met 150%. In 1909 waren meer dan 4000 arbeiders werkzaam in de metaalnijverheid, ruim 700 werkten in de werkplaatsten van de Spoorwegen en telde Utrecht tientallen textielbedrijfjes waarin bijna 400 naaisters en ruim 600 kleermakers werkzaam waren. Al in 1904 was er op initiatief van 190 niet-socialistische instellingen de Utrechtse Arbeidsbeurs geopend. Het Comité voor Werkverschaffing zorgde eveneens voor werk. Het comité verleende steun met broodbonnen en bevorderde emigratie naar Duitsland waar op dat moment werk genoeg was. De directeur van de Nederlandse Arbeidsbeurs in Homburg, deelstaat Niederrhein, bemiddelde, terwijl de gemeente de reiskosten betaalde. Het werd, uitzonderingen daar gelaten, geen echt succes. In een mum van tijd waren deze 'arbeidsemigranten' weer terug. Het werd gezien als een leuk uitstapje, en na het vele Duitse bier en nog voor ze aan het werk waren gegaan, kwamen de meesten alweer naar Utrecht terug. Of Gerardus van Schaik juist van deze mogelijkheid gebruik heeft gemaakt is onduidelijk, maar hij wordt op 09-04-1912 uitgeschreven uit het bevolkingsregister. Daar op 17-11-1911 zijn derde kind was geboren, een zoon, vertrok Gerardus met zijn vrouw en drie kinderen naar Duitsland.

 

 

Een uittreksel uit het bevolkingsregister van de stad Altena, Nordrhein Westfalen, West Duitsland, waarin melding word gemaakt van de inschrijving van Gerardus van Schaik, op 12-04-1912 uit Utrecht, en zonder afmelding en met onbekende bestemming weer vertrokken. Zijn woonadres in Altena was de Südstrasse 61 (Zuid(er)straat). Als beroep was op de kaart fabrieksarbeider opgegeven, terwijl het onbekend is bij welke werkgever.

Altena werd in Duitsland ook de 'draadstad' genoemd. Men vond er veel metaalverwerkende industrie en er werd veel ijzer- en staaldraad geproduceerd. Waarom Gerardus van Schaik al weer zo snel is teruggekeerd naar Nederland is onbekend. Wellicht hebben hierbij cultuurverschillen of de naderende voortekenen van de Eerste Wereldoorlog een rol gespeeld.

 

Gerardus van Schaik is niet zoals de opgave doet vermoeden tot 1914 in Altena blijven wonen. Op 02-06-1913 wordt hij opnieuw ingeschreven in Utrecht, Oranjestraat 12. Erg lang heeft dit niet geduurd, want op op 25-11-1913 verhuisd het gezin naar de Lange Lauwerstraat 58. Hij zal hier tot begin 1930 blijven wonen en zullen er nog zeven kinderen worden geboren. Vier zonen en drie dochters.

 

Op 28 juli verklaarde Oostenrijk de oorlog aan Servië, en was de Eerste Wereldoorlog een feit. Nederland behield zijn neutraliteit, maar de situatie vormde een onderbreking in de vooruitgang, ontwikkeling en opbouw van het land. Er ontstond een tekort aan levensmiddelen, brandstof (kolennood) en muntgeld. Nederlandse schepen werden getorpedeerd en kregen we te maken met vluchtelingen. Als de oorlog eindigt is er een gevoel van onvrede voelbaar. Terwijl er hier in 1917 rellen en onregelmatigheden plaatvonden m.b.t. voedselschaarste, kende men in Rusland een omwenteling van een geheel andere orde. Arbeiders en soldaten verdreven de tsaar en zijn regime, de grootgrondbezitters en richtten de Sovjet-Unie op. De leider van deze Oktoberrevolutie was Lenin. De Bolsjewieken waren een revolutionaire groep die hun theoretische uitgangspunten ontleenden aan de werken van Karl Marx en Friedrich Engels. Lenin was de feitelijke stichter van het moderne communisme. Deze revolutie heeft zeer belangrijke gevolgen gehad voor geheel Europa. Ook aan Nederland ging het niet voorbij. Socialistische en anarchistische groeperingen mengden zich in de strijd. Het meest bekende voorbeeld was wel Troelstra die de tijd rijp achtte voor een revolutie in Nederland. Zijn plan mislukte omdat de sociaal-democratie zich (nog) niet voldoende had ontwikkeld. Naast het communisme ontwikkelde zich een andere stroming binnen Europa, en dan vooral in Italie en Duitsland: het fascisme..!

De begrippen communisme en fascisme zijn niet even simpel uit te leggen, maar door ze naast elkaar te vergelijken ontdekken we grote verschillen. Het communisme is een maatschappelijke ordening waarin klassentegenstellingen en de daarmee gepaard gaande uitbuiting zijn opgeheven. Het communistisch principe: "Ieder draagt naar vermogen bij en ieder ontvangt naar behoefte", garandeert een werkelijke vrije ontwikkeling van iedereen. Men ging ervan uit dat alle mensen, ongeacht afkomst, geslacht en huidskleur, evenveel recht hadden op scholing, huisvesting, ontplooiing en verzorging. In het fascisme hanteerde men rassenverschillen, waarbij de superieure rassen heersten over de inferieure rassen, en niet vreemd stond tegenover rasveredeling danwel rasvernietiging. De gelijkheid (communisme) en ongelijkheid (fascisme) van mensen was dus al een zeer wezenlijk verschil. Het fascisme streefde een natuurlijke orde na waarin geen plaats was voor: homosexuelen (zij zouden geen normaal gezinsleven opbouwen), Jehova-getuigen (zij vonden/vinden God belangrijker dan wereldse leiders) en Joden (te dominant aanwezig in economie en wetenschap). Het communisme streefde naar internationale verbroedering (wereld zonder grenzen), terwijl het fascisme sterk nationalistisch was en zo aggressief dat elk volk recht had op het veroveren van land.

 

Op 16-01-1930 verhuist Gerardus van Schaik naar de Nieuwe Koekkoekstraat 32. In Nederland werden de gevolgen van de 'beurskrach' op Wall Street in 1929 voelbaar. Er werden grote offers gevraagd van de bevolking en bezuinigen werd het motto. Arbeiders werden per tienduizenden ontslagen. In de periode 1929-1935 groeide het aantal werklozen met een factor 10. Van 50.000 tot 500.000. Het werd een tijd van de 'tering naar de nering zetten'. De werkloze moest zich in leven zien te houden door een beroep te doen op de werkloosheidsvoorzieningen. De werkverschaffing werd in het leven geroepen. De strenge bezuinigingen die Nederland kende troffen ook de defensieuitgaven. Deze zouden leiden tot een verdere verzwakking van de krijgsmacht. 

 

Gerardus van Schaik verhuist in November 1932 naar de Borneostraat 30 waar hij zal wonen tot begin Juni 1934, als hij in de Nicolaas Ruychaverstraat 47 bis zal gaan wonen. Inmiddels heeft Nederland kennis gemaakt met de NSB. (Nationaal Socialistische Beweging) Opgericht in December 1931 en onder leiding van Mussert, die geinspireerd was geraakt door brochures van de NSDAP. (Nationaal Socialistische Duitse Arbeiders Partij) In het partijprogramma kon men lezen dat: 'Voor een zedelijk en lichamelijk welzijn van een volk nodig was een krachtig staatsbestuur, zelfrespect van de natie, tucht, orde, solidariteit van alle bevolkingsklassen en het voorgaan van het algemene belang boven het groepsbelang, en het groepsbelang boven het eigenbelang'. De NSB bereikte zijn hoogtepunt in april 1935 als het 8% van de stemmen krijgt bij de verkiezingen. Al in 1937 bleef er slechts een magere 4% over. In 1933 wordt Adolf Hitler, als leider (Führer) van de NSDAP, rijkskanselier van Duitsland. Hij heeft slecht één ding voor ogen: de oprichting van het Derde Rijk. Onmiddelijk schrijft hij nieuwe verkiezingen uit. Zes dagen voor deze verkiezingen brandt de Rijksdag af. Het werd door het bewind omschreven als:'De schandelijkste daad tot nu toe door de Bolsjewisten gepleegd'. Nog diezelfde nacht werd er een heuse jacht gemaakt op communisten en al diegenen die er op leken. Hitler triomfeerde als de man die Duitsland had gered van een door de communisten ontketende burgeroorlog, waarvoor de Rijksdagbrand het signaal zou zijn geweest. 

 

 

Gerardus van Schaik verhuist op 11-05-1938 naar de Minahassastraat 37 bis, in de wijk Lombok. De preciese gegevens over hoe lang hij daar heeft gewoond zijn onduidelijk. In het adresboek van de stad Utrecht vinden we hem er in 1940 nog wel terug. Eind 1940 danwel begin 1941 verhuist hij nogmaals, en wel naar de Lombokstraat 18.                 

 


 

 

 

 

 

Verder
to Top of Page